Dagboek van een Fondsenwerver · week 39 · 28 september 2026

Het zal wel AI zijn...

Het dagboek van een fondsenwerver, 28 september 2026.

Deze week was een week van kennis snuiven. Zondag met de trein naar Londen om maandag bij Bernard Ross te zitten over decision design met AI in fondsenwerving. Dinsdag en woensdag druk met de jaarplannen van twee organisaties, donderdagochtend ook nog, en 's middags bij de Vakdag Fondsenwerving. Lekker netwerken, gezellig met vakgenoten en kennis opdoen. En als afsluiter van de week een creativity clinic bij Beeckestijn. Heerlijk.

Op basis van de sessie over digitale fondsenwerving van donderdag heb ik meteen een tooltje gebouwd waarmee ik toets of de gewenste elementen erin zitten, en wat het effect is als ik ze weglaat. Helemaal op basis van mijn eigen aantekeningen, ideeën en foto's van die middag. Heerlijk om er gelijk creatief mee aan de slag te gaan.

Want laten we eerlijk zijn: zonder creativiteit is alles eenheidsworst en voelt het alsof AI het gemaakt heeft.

Leestijd ongeveer 20 minuten · Acht punten uit twee weken mailbox · Bronnen onderaan

IN DIT ARTIKEL

  1. Fondsen sluiten hun loket, en AI is de reden
  2. Humanwashing, het nieuwe greenwashing
  3. Vijf stappen, en de meesten staan op twee
  4. ChatGPT Ads is live, zonder zoekwoorden
  5. De klik verdwijnt, en dit keer met cijfers
  6. De media maken hun eigen AI-regels
  7. Wat er dan wél overblijft
  8. Vier bedankbrieven, en niemand wist het

Daarna: Vakwerk en agenda · De rode draad · Wat ik zou doen

En dan niet te vergeten wat er allemaal aan nieuws in mijn mailbox is binnengekomen.

De week van Patries in 8 punten

01 Fondsen sluiten hun loket, en AI is de reden

Lees deze twee zinnen even rustig. Ze komen van fondsen zelf, verzameld door Fundraising Everywhere.

"Applications are now closed due to AI significantly impacting the number of submissions." "Due to the volume of submissions, applications to this fund are now invite-only."

Aanvragen dicht. Want AI. En bij die tweede: wij doen het voortaan alleen nog op uitnodiging.

Geen toekomstscenario, geen opiniestuk. Gewoon geld dat verdwijnt achter een deur die dichtgaat, omdat iedereen tegelijk harder is gaan kloppen. En wie kan er straks niet meer bij? Niet de clubs die het meeste AI gebruiken. De kleintjes zonder netwerk.

Drie dingen waar je AI aan herkent

Ugo Ikokwu, grantmanager bij Trust for London, vertelde wat hij ziet. Ik zet er per punt bij wat je in plaats daarvan doet.

Eén: technisch perfect, maar hol. Alles klopt en er zit geen mens in. Wat er wel in moet: een echt gevoel van de mensen voor wie je werkt en de buurt waarin ze wonen. Heel specifieke voorbeelden, geen categorieën.

Twee: elke aanvraag leest hetzelfde, ongeacht de omvang of de missie van de organisatie. Daar zit de kern. Begin bij je eigen denken en niet bij dat van de tool. Schrijf eerst op wat alleen jouw team weet, en laat AI daarna de formulering oppoetsen. In die volgorde.

Drie, en dit is de pijnlijke. De tekst beschrijft je eigen doelgroep stilletjes als een risico of een last.

AI zuigt stereotypen op van het internet. Let dus op zinnen die de mensen die jij steunt neerzetten als probleem in plaats van als mens.

Daar werd ik even stil van. Wij zijn de sector die het verschil maakt met hoe we over mensen praten. Nalaten, armoede, ziekte, vluchten: wij hebben decennia gedaan over het afleren van woorden als "de dementerende" en "de gehandicapte". En nu halen we een model in huis dat getraind is op precies de taal die wij eruit hebben gewerkt. Zuur.

Wat dit betekent voor fondsenwervers

Pak je laatste aanvraag erbij en lees hem op dit derde punt. Niet op spelfouten, niet op structuur. Alleen op de vraag: hoe staan mijn mensen hier beschreven? Zijn ze iemand, of zijn ze een doelgroep met een probleem?

Draai je volgorde om. Eerst jij, dan het model. Schrijf de rauwe versie zelf, met de namen en de details die niemand anders heeft, en laat AI pas daarna de zinnen fatsoeneren. Andersom krijg je precies de aanvraag die op tafel ligt bij honderd anderen.

En houd in de gaten welke fondsen hun loket sluiten. Dat is nieuws voor je jaarplan, niet alleen voor je aanvraagkalender. Gaat een fonds naar 'alleen op uitnodiging', dan verschuift jouw werk van schrijven naar kennen.

02 Humanwashing, het nieuwe greenwashing

Nelleke de Boer van de Vrije Universiteit en Hogeschool Rotterdam zette er een woord op dat blijft hangen. Waar merken elkaar de afgelopen jaren verdrongen om "AI-first" te heten, ontstaat nu een tegenbeweging die precies het omgekeerde claimt.

Hoe goedkoper en overvloediger kunstmatige creativiteit wordt, hoe schaarser menselijke creativiteit lijkt.

En daar ligt de valkuil. Want als "door mensen gemaakt" een verkoopargument wordt, dan gaan organisaties dat roepen zonder dat het waar is. Precies zoals met duurzaamheid gebeurde. Een groen blaadje op de verpakking en verder niets veranderd.

In dezelfde week schreef goochelaar Marc Woods een stuk dat hier naadloos op aansluit, en zijn zin is de beste van deze twee weken:

Zodra iemand denkt "het zal wel AI zijn", ben je als goochelaar eigenlijk al af.

Hij bedoelt zijn eigen vak. Maar het gaat over ons. Een goocheltruc werkt alleen als de kijker gelooft dat er écht iets onmogelijks gebeurt. Twijfelt hij ook maar even, dan is de truc voorbij. Ook al klopte hij gewoon.

Vertaal dat naar een donateursverhaal. Jouw stuk over een vrouw die na twee jaar wachten eindelijk geholpen werd, werkt alleen als je lezer gelooft dat zij bestaat. Denkt ze "dit zal wel verzonnen zijn", dan is het weg. En of het waar is doet er dan niet meer toe. Dát is de nare kant van dit verhaal.

Wat dit betekent voor fondsenwervers

Je kunt dit niet oplossen met een keurmerk of een zinnetje onderaan. Menselijkheid claimen is precies wat humanwashing is.

Wat wel werkt is bewijs dat een model niet kan verzinnen. Een naam en een plaats. Een foto die scheef hangt. Een citaat waar een spreekfout in zit en dat je laat staan. Een bedrag dat niet afgerond is. Een verhaal dat ergens een beetje ongemakkelijk afloopt. Dat zijn geen stijlkeuzes meer, dat is je bewijslast geworden.

03 Vijf stappen, en de meesten staan op twee

Mathieu van AI Champions schreef zijn 250e editie en deed iets slims. Hij las alles terug. Juni 2024 tot nu, twee keer per week, ruim twee jaar aan eigen stukken. Aan de titels alleen al zag hij waar hij zelf stond. Vijf stappen bleken het te zijn, en hij komt ze nu bij elk bedrijf tegen.

Eén: iedereen heeft een accountje. Tips, handigheidjes, AI als gereedschap per klus. In zijn woorden: leuk, nuttig, en er veranderde niks.

Twee: de kopgroep speelt. Er wordt gebouwd, er zijn zichtbare resultaten per taak. Wat hij toen niet zag: hij was een kopgroep van één.

Drie: het hangt op twee mensen. Dit kantelpunt kon hij dateren, op een editie van 6 juni 2025 die "Het is weer uit de hand gelopen" heet. Juniors te junior, seniors te druk. De tools waren niet het probleem, alles hing op een paar mensen en de rest wachtte tot iemand het kwam uitleggen.

Vier: het draait, maar bewijst zich niet. Alles werkt en je kunt nog steeds niet zeggen wat het oplevert.

Vijf: zie je het al in je cijfers terug?

Hoe verder je komt, hoe minder het over AI gaat. Stap 1 en 2 gaan over tools. Stap 3, 4 en 5 gaan over mensen, planning en geld.

Zijn test is pijnlijk eenvoudig. Gaat jullie AI-overleg na een jaar nog steeds over tools en abonnementen? Dan weet je precies waar je staat.

Hij hield er ook een peiling bij. Op de vraag of je weleens AI-werk als eigen werk hebt ingeleverd zonder het te zeggen, zegt bijna de helft regelmatig, 15 procent een enkele keer en 37 procent nooit. Zijn conclusie vind ik interessanter dan het cijfer: dat kost een organisatie geen eerlijkheid, dat kost kennis. Houdt twee derde stil hoe ze iets gemaakt hebben, dan leert niemand van elkaar. Dan blijft alle kennis per persoon hangen, en loopt hij de deur uit zodra diegene dat doet.

Het is zijn eigen lezerspeiling, dus een zelfgeselecteerde groep die toch al met AI bezig is. Ik lees het als spiegel, niet als sectorcijfer.

Wat dit betekent voor fondsenwervers

Bepaal deze week op welke stap jullie staan. Niet met een assessment of een adviesbureau, gewoon door te kijken waar je laatste overleg over ging.

En pak stap drie aan, want die gaat nooit vanzelf dicht. Als bij jullie twee mensen alles doen, is dat geen succes maar een risico. Laat degene die het meest met AI werkt één keer per maand twintig minuten laten zien hoe zij iets aanpakte. Niet een training, gewoon over de schouder meekijken.

04 ChatGPT Ads is live, zonder zoekwoorden

Adverteren in ChatGPT. Kan sinds deze maand gewoon hier. En het werkt anders dan alles waar jij aan gewend bent.

Er zijn geen zoekwoorden om op te bieden. De context van het gesprek bepaalt wanneer jouw advertentie verschijnt. Niet wat iemand intypt, maar waar het gesprek over gaat.

En dan dit, want dit is het stuk dat ertoe doet: het organische AI-antwoord boven de advertentie speelt mee. Je betaalde zichtbaarheid hangt dus samen met je onbetaalde zichtbaarheid. Meten gaat onder andere via de OpenAI Pixel.

Emerce hangt er meteen een verdiepingstraining aan, van Arjan ter Huurne. Oprichter van PromptMarketing, vijf jaar bij Google geweest, en hij lanceerde de Europese ChatGPT Ad Library. Zo snel gaat dat nu.

Wat dit betekent voor fondsenwervers

Niet meteen beginnen. Wij zijn zelden de partij die als eerste een nieuw advertentiekanaal moet uitproberen, en er is nog geen enkele reden om te denken dat dit kanaal voor donaties werkt.

Wat je wél meeneemt is die koppeling. Als je organische zichtbaarheid in AI meeweegt in wat je betaald bereikt, dan is werken aan die zichtbaarheid geen apart projectje meer van iemand op de afdeling online. Het wordt de basis onder alles.

En bedenk wat het betekent dat de context van het gesprek bepaalt wanneer je verschijnt. Iemand die in een gesprek met AI zit over de diagnose van zijn moeder, of over zijn testament: dat is precies de context waarin een goed doel relevant is. En precies de context waarin een advertentie ongelooflijk misplaatst kan voelen. Daar wil je over nagedacht hebben voordat je meedoet, niet erna.

05 De klik verdwijnt, en dit keer met cijfers

Twee berichten van Emerce in dezelfde week. Los van elkaar geschreven, samen één verhaal.

400% groei in orders via TripGenie, de AI-shophulp van Trip.com, in een jaar tijd

€2,7 biljoen verwachte wereldwijde AI-uitgaven in 2026 volgens Gartner, bijna 50 procent meer dan in 2025

En op 21 september haalde Google alle organische Shopping-resultaten uit de zoekresultaten in heel Europa. Precies op het moment dat webwinkels hun campagnes voor de feestdagen aan het opbouwen zijn.

Bij elkaar opgeteld: mensen kopen steeds vaker binnen een gesprek met AI in plaats van na een klik. En de gratis plekken in de klassieke zoekresultaten worden kleiner. Twee bewegingen, dezelfde kant op.

Wat dit betekent voor fondsenwervers

Wij verkopen niks, dus dit raakt ons indirect. Maar het patroon is hetzelfde. De plek waar iemand besluit iets te gaan doen, verschuift naar vóór de klik, als de klik er al überhaupt komt. Naar het gesprek waarin iemand vraagt welk goed doel betrouwbaar is, of hoe nalaten eigenlijk werkt.

Dat is geen SEO-onderwerp en ook geen taak voor iemand op de afdeling communicatie. Dat is de vraag of jouw organisatie voorkomt in het antwoord. En dat bepaal je met wat er op je site staat, niet met wat je adverteert.

06 De media maken hun eigen AI-regels

De Nederlandse en Belgische mediasector komt met gezamenlijke richtlijnen voor transparantie over AI-gebruik in beeld, audio en video. Aanleiding is de EU AI Act.

Klinkt als iets voor redacties. Is het niet. Als zij onderling afspreken hoe ze AI-materiaal labelen, dan geldt die norm straks ook voor wat jij aanlevert. Je persbericht. Je beeldmateriaal. Je filmpje voor het jeugdjournaal.

Wat dit betekent voor fondsenwervers

Vraag bij je volgende mediacontact gewoon wat hun afspraak is. Dat is een prettig gesprek om te voeren voordat het een vervelend gesprek wordt. En zorg dat je van je eigen beeldmateriaal weet wat erin zit: welke foto's zijn echt, welke zijn bewerkt, en welke zijn gegenereerd. Dat lijstje heeft bijna niemand, en je hebt het straks nodig.

07 Wat er dan wél overblijft

Vanochtend dus. Een zaal, een stift en een klembordje. Creativity at work, van Bob Muntjewerff van de Creativity Club. Ik ging erheen met de vraag die punt 02 hierboven wel oproept maar niet beantwoordt: als menselijkheid je bewijslast wordt, wat is dan précies het menselijke deel?

Hij begon met een krant en een minuut. Bedenk zoveel mogelijk andere toepassingen voor deze krant. Go.

De zaal kwam op vijf. Iemand op acht, iemand op tien. Toen vroeg hij het aan AI. Vijftig, in vijftien seconden. Vraag om driehonderd en je krijgt er driehonderd.

En toen de zin waar het om draait. Wie heeft er nog meer toegang tot die driehonderd ideeën? Iedereen. Dezelfde prompt, dezelfde ideeën, voor jou en voor het goede doel drie straten verderop.

Onderscheid

Hij was net bij DPG Media geweest. Die hebben fors in AI geïnvesteerd. Hun klanten ook. Hun concurrenten ook. Iedereen ongeveer dezelfde AI in huis. Waar maak je dan nog verschil?

Hij tekende het als een piramide. Onderin zit AI: het routinewerk, de productie, alles wat herhaalbaar is. Dat zakt in waarde zodra iedereen het kan. Bovenin zit creativiteit, en dat is de kant waar je heen moet bewegen.

En dat is geen praatje van een trainer. Het Future of Jobs Report 2025 van het World Economic Forum, van 7 januari 2025, vroeg ruim duizend werkgevers met samen veertien miljoen medewerkers in 55 landen welke vaardigheden ertoe doen. Het rapport maakt twee lijstjes, en dit is het aardige: creatief denken staat in allebei op vier.

Lijst uit het Future of Jobs Report 2025 met creatief denken op de vierde plek
Creative thinking op de 4e plek als skill voor toekomstige beroepen

Dit lijstje gaat over wat werkgevers nu belangrijk vinden. Analytisch denken op één, dan veerkracht, dan leiderschap, en dan creatief denken. Kijk even naar de rest van die tien. Motivatie, empathie en actief luisteren, nieuwsgierigheid. Op één na zijn het allemaal menselijke vaardigheden. Technologische geletterdheid staat op zes.

Het tweede lijstje gaat over wat het snelst groeit richting 2030, en daar draait het om. Bovenaan AI en big data, daarna netwerken en cybersecurity, daarna technologische geletterdheid. En dan, weer op vier, creatief denken. De enige menselijke vaardigheid in die kopgroep, tussen drie technische.

Dat is dus precies de piramide die hij tekende. Onderin schuift de techniek op. Bovenin blijft één menselijke vaardigheid overeind. En die ene is creativiteit.

De cijfers erbij, want die maken het scherper. 87 procent van de werkgevers ziet AI en big data in gebruik toenemen. Bij creatief denken is dat 66 procent. Tweederde van alle werkgevers dus, voor iets waarvan we doorgaans doen alsof het een gave is die je hebt of niet hebt.

Dat is exact onze situatie. Wij schrijven allemaal onze aanvragen sneller, en de grantmanager uit punt 01 ziet dat aan alle kanten tegelijk binnenkomen.

Betekenis

Van Dale houdt het op twee woorden: scheppend vermogen. Zijn eigen definitie is beter. Het vermogen om originele ideeën te bedenken die de moeite waard zijn om na te streven, en ze ook daadwerkelijk te realiseren. Twee stukjes die er in de praktijk meestal af vallen. Wat heb je aan honderd ideeën? En wat heb je aan het beste idee als het op de flip-over blijft hangen?

En hier zit waarom wij nog verschil maken. Aan de informatie die wij opslaan hangen we waarde en gevoel. Een emotie, een beeld, een ervaring, een geur. Daardoor kunnen we bij een idee iets vóelen, en dat gevoel bepaalt welk idee we eruit halen. Een model heeft dezelfde informatie, maar niet de rilling erbij.

Dat is je antwoord op humanwashing. Niet "wij zijn menselijk" op je site zetten. Wel kiezen. Uit driehonderd ideeën die iedereen kan krijgen die ene halen waarvan jij denkt: hier zit iets.

Lui

Slecht nieuws ook. Onze hersenen zijn knettergoed in energie besparen. Vijf seconden kregen we om een huisje te tekenen. Kijk dan even bij je buurvrouw. Hetzelfde huisje. Vierkant, puntdak, raam, deur, rookpluimpje.

Hij haalde het onderzoek van George Land aan uit Breakpoint and Beyond, een test die oorspronkelijk voor NASA werd gemaakt om creatieve mensen te selecteren. Gemeten werd niet alleen hoeveel ideeën je bedenkt, maar ook hoe ver die uit elkaar liggen. Kinderen van vijf scoorden voor 98 procent op het niveau creatief genie. Dezelfde kinderen op hun tiende: 30 procent. Op hun vijftiende: 12 procent. Volwassenen: 2 procent.

Het is dus niet weg. Het is afgeleerd. Door opvoeding, opleiding en omgeving. Dat is ergens ook hoopvol, want afgeleerd kun je weer aanleren.

Beer

Hier moest ik hardop lachen. Jullie werken allemaal bij de firma Beer op de weg, zei hij. Geen salaris, wel ongevraagd advies. Komt er een idee binnen, dan gooit die firma meteen argumenten op je af waarom het niet kan.

En je collega werkt er ook. Dus als jij bij het koffiezetapparaat je idee vertelt, hoort hij eerst zijn eigen firma. Acht van de tien keer.

Zijn antwoord daarop is één zin en die neem ik over: dank je, en hoe zouden we het wél kunnen laten werken?

Loslaten

Waar krijg jij je beste ideeën? De zaal: op de fiets, in het bos, onder de douche, 's nachts in bed. Niemand zei: op mijn werk. Niemand.

Daar zit gewoon een verklaring onder. In focusmodus kun je informatie wel opnemen maar niet verwerken. Pas als je loslaat, tijdens afwassen of wandelen of slapen, koppelt je brein het nieuwe aan wat er al lag.

Die brainstorm van twee uur in een vergaderzaal dan, met een flip-over en een deadline om half vier. Ongeveer de slechtste vorm die we met elkaar hebben kunnen bedenken.

Drie stappen

Zijn volgorde, en die is prettig concreet. Samen begint het beste alleen.

Eén: individuele creativiteit. Iedereen eerst zelf nadenken en opschrijven. Doe je dat niet, dan gaan mensen door elkaar heen praten en verdwijnen de stille mensen uit je sessie.

Twee: collectieve creativiteit. Nu pas delen, stapelen, combineren.

Drie: daag de creativiteit uit. Met een techniek. De simpelste is "ja, en": iedereen begint elke zin met die twee woorden. Het idee wordt steeds groter, gekker en vreemder, en de energie in de zaal gaat merkbaar omhoog. Het tegendeel, "ja, maar", is waar je normaal zit.

Perspectief

Het mooiste verhaal van de ochtend. Great Ormond Street Hospital in Londen doet openhartoperaties bij jonge kinderen. De overdracht van de operatiekamer naar de intensive care ging rommelig. Monitoren, slangen, ouders, iedereen tegelijk aan het praten. Precies het moment waarop het mis gaat.

Twee artsen zaten in een wachtruimte en zagen een pitstop van Ferrari. Twintig man, banden eraf en erop, weg. Niemand zei een woord.

Ze hebben Ferrari aangeschreven. Ferrari nodigde ze uit in Maranello, liet ze meedraaien met de pitstopcrew die vierhonderd pitstops op een dag oefent, en stuurde daarna drie crewleden die twee maanden in het ziekenhuis meehielpen. Ze schreven elke handeling uit. Wie heeft welke rol, wie heeft welke informatie, wie doet welke taak.

Daarna verliep die overdracht in stilte.

Dat is geen nieuw idee. Dat is hetzelfde probleem, bekeken vanaf een andere stoel. Andere perspectiefvragen die hij gaf: hoe zou mijn concurrent hierop reageren, en hoe zouden ze dit in een heel andere sector oplossen?

Testen

Hij sloot af met Simone Giertz, die nutteloze machines bouwt en ze zelf shitty robots noemt. Al doende ontdekt ze dingen die wél werken, en inmiddels staan er patenten op haar naam. Haar les staat in mijn schrift onderstreept:

Een idee is waardeloos tot je het test.

Bouwen, meten, leren. En daaronder moet psychologische veiligheid liggen, want mensen komen pas met een raar idee als ze zich veilig voelen. Op zijn slide stond het omgekeerd, en zo blijft het beter hangen: waar geen veiligheid is, ontstaat geen risico. Een beetje lol maken is dus geen tijdverspilling in een creatieve sessie. Dat is de voorwaarde.

De twee prompts

Deze kreeg ik mee als huiswerk en ze zijn allebei meteen bruikbaar. Let op wat ze allebei expliciet verbieden: geen ideeën, geen oplossingen. Dat is precies de regel die AI normaal overtreedt.

Prompt A, mix & match

Geef ons 10 totaal verschillende werelden, producten of diensten die niets met [jouw onderwerp] te maken hebben. Geef geen ideeën of oplossingen.

Associeer op die onderwerpen en maak connecties met ons vraagstuk en onze ideeën.

Prompt B, wat als

Bedenk 10 extreme en onverwachte "Wat als...?"-provocaties die ons uit ons huidige denkkader halen.

Verander bijvoorbeeld radicaal geld, tijd, schaal, locatie, regels, doelgroep of beschikbare middelen.

De provocaties hoeven niet realistisch of logisch te zijn. Sommige mogen dicht bij het onderwerp liggen, andere juist heel ver ervan af. Geef géén ideeën of oplossingen.

Vul bij prompt A je eigen vraagstuk in. Nalatenschappen, of maandelijkse donateurs, of de werving van vrijwilligers. Je vraagt dus niet om een oplossing, je vraagt om tien werelden die er niets mee te maken hebben. Het denkwerk blijft bij jou.

Wat dit betekent voor fondsenwervers

Zet vijf minuten stilte aan het begin van elke brainstorm. Eerst iedereen zelf schrijven, dan pas delen. Kost niks, en je houdt de ideeën over van de mensen die anders niks zeggen.

Gooi bij een AI-sessie eerst de voor de hand liggende ideeën eruit en leg ze apart. Dat is precies wat het model als eerste geeft. Dáárna begin je pas.

En stel dan de vraag waar het om gaat. Niet: welk idee is het best onderbouwd. Maar: welk idee voel je? Uit driehonderd gelijkwaardige ideeën is dat gevoel het enige wat nog van jou is.

08 Vier bedankbrieven, en niemand wist het

Ik zat op 21 september in Londen bij Raising More, Smarter van Bernard Ross en =mc, een dag over decision science en AI voor fondsenwervers. Er komt nog een los stuk over die dag, want er kwam te veel langs voor één punt. Maar dit hoort hier.

In het Donor Decision Lab kregen we vier bedankbrieven voor een gift van vijftig pond. A tot en met D. Twee opdrachten. Eén: door een mens geschreven of door AI? Twee: welke brief zet die donateur het sterkst aan om nog eens te geven?

Die tweede vraag is de vraag. Niet wie het schreef. Wat het dóet.

Wat je in de zwakke brieven ziet: "incredibly generous", "unimaginable heartbreak", "a chorus of generosity", "warmest regards and heartfelt gratitude". Allemaal waar, allemaal warm, en er staat niet één concreet ding in. Wat je vijftig pond deed, weet je na het lezen nog steeds niet.

Wat je in de sterke brieven ziet: het bedrag werd verdubbeld tot honderd pond via Big Give. Daarmee is het eerste telefoontje naar drie gezinnen betaald. Eén verhaal, met namen erin. Een doelbedrag van vierduizend pond en hoe ver ze zijn. Een citaat van een verzorger die gewoon bij naam genoemd wordt. En een open uitnodiging om te bellen als je vragen hebt.

Precies dezelfde tweedeling als in punt 02. Het verschil zit niet in de toon. Ook niet in de zorgvuldigheid. Het zit in of er iets in staat wat alleen jouw organisatie kon weten.

Industrieel

In de AI-sessie viel een zin die ik heb opgeschreven en onderstreept. De meeste organisaties zitten nog in de industriële fase: ze zetten AI in om oude processen sneller te doen, niet om anders te werken. Sneller hetzelfde. Dat is precies waar de fondsen uit punt 01 op vastlopen.

De richting die hij aanwees heet augmented AI. AI die mét je werkt in plaats van in plaats van je. Automatiseer het routinewerk, versterk het denkwerk. En daarbij hoorde een woord dat ik meteen leuk vond: van FOMO naar JOMO, de joy of missing out. Je hoeft niet op elke AI-trein te springen. Durf ook te stoppen met wat niet werkt.

Je eigen kennis

Zijn praktische advies ging niet over betere prompts. Over betere input.

Ook hier weer context. Dat woord kwam die hele dag in elke sessie terug, en vanochtend bij de creativiteitsclinic ook.

Dus: wil je AI inzetten, geef hem dan voldoende context mee. Wat wél en wat niet. Voor wie het is. Wat jij precies wilt. In welke vorm de output moet komen. De voors en de tegens. En zo kun je nog wel even doorgaan.

Gebruik AI om beter te benutten wat je al hebt. De verhalen, de evaluaties, de jaarverslagen, de gesprekken die al jaren in je organisatie zitten. De techniek daarvoor heet RAG: een eigen kennisbank waar het model uit put, in plaats van het algemene internet. Hij noemde dat een fundraising intelligence hub, één plek waar kennis, data en inzichten samenkomen.

Meer context, betrouwbare data die voor jou klopt. Shit in is shit out.

En omdraaien helpt: vraag niet wat AI voor je kan doen, maar wat je nu níet kunt wat met nieuwe techniek wél zou kunnen.

Eén waarschuwing die ik nergens anders hoorde

Uit de sessie van Alessia Calcabrini van Ogilvy Consulting kwam iets waar ik sindsdien op let. Mensen lossen problemen bijna altijd op door iets toe te voegen, zelden door iets weg te halen, ook als weghalen beter en goedkoper is. Dat heet subtraction blindness.

Recent onderzoek legde dat voor aan AI-modellen. Die kozen consequent voor toevoegen. Consequent.

Dus als jij je donatiepagina of je bedankbrief door een model haalt, krijg je er iets bij. Nooit iets eraf.

JENGA

Daar bestaat een mooie naam voor, en die heb ik niet zelf verzonnen. JENGA. Ik kwam hem tegen bij schrijven voor het brein en bij Online Invloed, waar hij een van de vijfendertig gedragstactieken is. Trek er blokjes uit en kijk wat er blijft staan.

Daar hoort ook een cijfer bij dat ik mooi vind. Bij LottieFiles ging een introtekst van 29 naar 16 woorden. Ruim 45 procent meer conversie. Niets toegevoegd, alleen dertien woorden weggehaald.

Met één verschil met het echte spel. Daar leg je het blokje dat je eruit haalt bovenop, en wordt de toren steeds hoger en wankeler. Dat is precies wat wij met een donatiepagina doen. Er komt een zinnetje bij, een keurmerk bij, een logo bij, nog een vinkje bij. Bij JENGA blijft dat blokje eruit.

En er kunnen twee soorten blokjes uit.

De blokjes die niks doen. Kijk naar DKMS UK. Dat is de Britse tak van de grootste stamceldonorbank ter wereld, in 1991 in Duitsland opgericht door een man wiens vrouw aan leukemie was overleden. Registreren is gratis en gaat met een wattenstaafje langs de binnenkant van je wang. Het pakket dat je thuisgestuurd krijgt vraagt dus niet om geld maar om je stamcellen. Dat is nogal een vraag.

Ze hebben dat pakket opnieuw ontworpen. Dezelfde informatie, alleen lichter en duidelijker gemaakt: deze doos is voor je huisarts, deze envelop is voor jou, dit is je donorhandboek. Er ging niets bij. Resultaat: 25 procent meer begrip van wat er gevraagd werd, en 75 procent meer intentie om zich echt te laten registreren.

En dan de blokjes die tegen je werken. Hier schrok ik het meest van. Christian Aid testte zes varianten van hun collecte-envelop tegen een gewone versie. Vier deden het beter. Twee maakten het slechter.

Urgentie toevoegen bracht de opbrengst per envelop van 34 naar 28 pence. En de variant die de Gift Aid-boodschap opvallender maakte, precies het stukje waar de organisatie zelf het meest aan hecht, kwam uit op 18 pence. Bijna de helft minder dan wanneer je niks had gedaan.

Dat zijn geen overbodige blokjes. Dat zijn blokjes die je toren scheef trekken. En ze zitten er meestal in omdat iemand intern ze er per se in wilde hebben.

Wat dit betekent voor fondsenwervers

Doe de test zelf. Leg vier van je eigen bedankbrieven of mails naast elkaar en laat twee collega's raden welke door AI zijn gemaakt. Laat ze daarna rangschikken op wat hen zou aanzetten om nog eens te geven. Die twee lijstjes lopen niet gelijk, en dat gesprek is de hele les.

Speel JENGA met je donatiepagina. Haal er één element uit en kijk of de toren blijft staan. Doet hij het net zo goed of beter, dan blijft dat blokje eruit.

En zet één vraag standaard achter elke AI-opdracht: wat kan hier weg? Dat vraagt een model uit zichzelf nooit.

Vakwerk en agenda

Reinier Spruit was productief. Hij publiceerde het REURING-framework voor communicatie die raakt én activeert, een stuk over de vier behoeften van een donateur, en een gesprek met Mark Phillips over wat een donateur eigenlijk nodig heeft van een goed doel. Als je deze maand aan je jaarplan zit, is dat je leesvoer.

International Legacy Giving Day komt eraan. Goed moment om je nalatenschapspagina nog eens door te lezen met de vraag uit punt 01 in je hoofd: hoe staan de mensen erin beschreven?

Donderdag 10 december: Trusts and Major Donors Conference van Fundraising Everywhere, online. Daar komt het gesprek over aanvragen en AI uitgebreider aan bod.

De rode draad

Alles in deze twee weken komt uit op dezelfde beweging. Er wordt niet meer beoordeeld of jouw tekst goed is. Er wordt beoordeeld of hij echt is.

De grantmanager leest niet je argumentatie, hij zoekt naar een mens in je aanvraag. Je donateur leest niet je verhaal, zij vraagt zich af of het verzonnen is. En als die twijfel er eenmaal is, helpt betere tekst niet meer. Sterker nog, hoe beter geschreven, hoe verdachter.

Dat is het rare aan deze periode. Je vakmanschap werkt tegen je, want perfect is nu een signaal geworden.

Ik denk dat we dat niet gaan oplossen door minder AI te gebruiken. Ik denk dat we het oplossen door anders te beginnen. Eerst het rauwe materiaal dat alleen jij hebt: de naam, de plek, het bedrag dat niet klopt, het citaat dat een beetje krom is. En pas daarna het model om de zinnen recht te trekken.

Dat is trouwens gewoon hoe goede fondsenwerving altijd al werkte. We hebben er nu alleen een reden bij.

En laat ik duidelijk zijn: ik zeg niet dat je geen AI moet gebruiken. Gebruik het vooral. Maar wees je bewust van wat het doet en waar zijn input vandaan komt. Zorg dat jíj de context zet, met de juiste input en jouw merkbeleving.

Daar zit ook het hele verschil tussen de zwakke en de sterke bedankbrief uit punt 08. Niet of er AI aan te pas kwam, maar of jouw materiaal erin zat.

En daar komt de ochtend van punt 07 bovenop. Als iedereen dezelfde driehonderd ideeën kan ophalen, dan is het bedenken niet meer je werk. Het kiezen wel. Welk idee voel je, welk verhaal durf je te vertellen, welke aanvraag schrijf je anders dan de rest omdat jij die wijk kent. Dat is geen zachte vaardigheid meer. Dat is het enige stuk dat niet te kopiëren valt.

Wat ik zou doen in de komende twee weken

  1. Lees je laatste fondsaanvraag op één vraag: hoe staan de mensen die wij steunen hier beschreven? Als daar "kwetsbare doelgroep met een problematiek" staat, heb je werk te doen.
  2. Draai je schrijfvolgorde om. Eerst jouw rauwe versie met namen en details, dan pas AI voor de formulering. Spreek dat af als werkafspraak, niet als goed voornemen.
  3. Verzamel je bewijsmateriaal. Welke foto's, citaten en cijfers heb je die aantoonbaar echt zijn? Zet ze bij elkaar. Dat wordt je belangrijkste voorraad.
  4. Bepaal op welke van de vijf stappen jullie staan. Kijk naar waar je laatste AI-overleg over ging. Tools, of mensen en geld?
  5. Doorbreek stap drie. Laat degene die het verst is één keer per maand twintig minuten over de schouder meekijken. Geen training, gewoon laten zien.
  6. Zoek uit welke fondsen hun loket hebben gesloten of alleen nog op uitnodiging werken. Bel er twee. Kennen gaat het schrijven vervangen.
  7. Kijk naar je zichtbaarheid in AI-antwoorden, nu die samenhangt met wat je betaald kunt bereiken. Begin bij de pagina's die uitleggen hoe nalaten of periodiek schenken werkt.
  8. Maak een lijstje van je beeldmateriaal: echt, bewerkt of gegenereerd. Je hebt het nodig zodra een redactie ernaar vraagt.
  9. Begin je volgende brainstorm met vijf minuten stilte. Iedereen eerst alleen schrijven, dan pas delen. En gooi de voor de hand liggende ideeën er eerst uit, want die krijg je toch wel.

En dan ben ik ergens benieuwd naar.

Ik zit zelf in de particuliere fondsenwerving. Donateurs dus, geen fondsaanvragen. En daar komen deze twee weken voor mij samen. Creativiteit levert het idee. Decision design toetst of het ook echt werkt. En AI helpt je bij allebei, mits jij hem de juiste context geeft.

Heb jij dit jaar iets getest waarvan je collega's zeiden dat het niks zou worden? Een knop in een kleur die niet in de huisstijl zit. Een rare volgorde. Een zin die je juist wegliet. Stuur me wat je deed en wat eruit kwam. Ook als het niks werd. Juist dan. Want een mislukte test deelt niemand, terwijl we daar het meeste van leren.

En bracht AI je op dat idee? Dan wil ik vooral weten hóe je het vroeg.

Liefs

Patries


Abonneer op LinkedIn Alle edities

Contact

Zullen we een kopje koffie drinken?

Een vraag, een idee of een klus die nu opgepakt moet worden, of die juist al een tijdje op de plank ligt? App, mail of bel. Geen verkooppraatje. Wel iemand die meedenkt.

Patricia Heemskerk op een bank in een koffiebar, met een mok koffie in haar handen